Op de Blauwe Kust, vlakbij Marseille, klikt Marie-Jo haar Zwitsers mes open en drukt het op haar pols
Marie-Jo werkt halftijds als conducteur van lichte sanitaire wagens. Tijdens haar vrije tijd helpt zij haar echtgenoot bij de boekhouding van zijn bouwbedrijf. Zij doet ook het huishouden en zorgt voor hun dochter die haar middelbare studies aan het beëindigen is.
Marie-Jo is een gewone vrouw die oprecht van haar man Daniel houdt. Zij houdt echter ook van Marco, een kapitein die gestopt is met zeilen. Nu manoeuvreert hij boten in de haven van Marseille. Wanneer hij niet op dienstreis is op de Frioul-eilanden, wacht hij op de bezoeken van Marie-Jo.
Marie-Jo zou haar twee liefdes voluit willen beleven. Zij weet dat ze eigenlijk een keuze zou moeten stellen, maar ze houdt evenveel van beiden en kan simpelweg niet kiezen.
Wanneer Daniel tot de ontdekking komt dat Marie-Jo een buitenechtelijke relatie heeft, doet hij alsof hij niets gemerkt heeft. Wanneer ze het huis verlaat om een tijdje bij Marco te gaan leven, wacht Daniel met diepe pijn in het hart, maar zonder enige wrok of haatgevoelens tot zij terugkeert.
Marco van zijn kant begrijpt dat Marie-Jo haar man nooit zal verlaten en berust in zijn lot. Alle drie weten ze instinctief dat er geen andere uitweg bestaat. De twee liefdesverhalen zijn onmogelijk, niettemin zijn ze gedoemd om voort te blijven duren. Het mes op haar pols is geen oplossing. Marie-Jo moet blijven leven.