De tienjarige Andreas is nieuw op school. Hij vertelt aan zijn klas dat hij al over de hele wereld heeft gewoond omdat zijn ouders belangrijke wetenschappers zijn. Zijn buurmeisje Vero, eigenlijk een mislukte jongen, sluit vriendschap met hem. Ze vindt zijn ouders maar rare mensen. Ze vraagt aan Andreas wat ze exact doen en voor wie ze precies werken. Andreas weet het niet echt behalve dat het iets te maken heeft met microbiologie en dat ze voor een multinational werken. Vero stelt voor om hen af te luisteren. Zo komen ze vast te weten wat ze precies doen. Het zal leuk zijn. Andreas verstopt de plastic walkie-talkie van een babyfoon onder de kast in de woonkamer. Hij sluipt naar Vero die twee klasvriendjes heeft uitgenodigd. De kinderen horen hoe de ouders van Andreas praten over de ongelooflijke resultaten van hun onderzoek. Ze zullen bekend worden, zo zeggen ze, aan beide kanten van het heelal. En Andreas zullen ze meenemen, ver van hier. De kinderen staan versteld. Volgens Vero kan er maar één verklaring zijn: de ouders van Andreas zijn buitenaardse wezens. De ernstige Kasper is ervan overtuigd dat ze het gesprek van de ouders niet letterlijk moeten nemen. Andreas gelooft het ook niet. Als zijn ouders buitenaardse wezens zouden zijn, dan had hij dat wel gemerkt. Vero denkt dat ze een antwoord kunnen vinden in het lab van zijn vader. Dat is de enige plek in huis waar hij niet mag komen. Vero ontwerpt een heel plan om de ouders uit huis weg te lokken. Wanneer ze eenmaal weg zijn, sluipen de kinderen het lab in. Ze vinden er drie vreemde computerschermen met onbegrijpelijke symbolen en gegevens. Er is ook een mysterieus project dat LINEA heet... SCIENCE FICTION is een spannende, aangrijpende film over een jongen die zich zo verlaten voelt dat hij zich gaat inbeelden dat zijn ouders niet van deze wereld zijn. Of is het helemaal geen inbeelding?